|
Op 14 oktober 2006 houdt CD&V een debat rond het leerzorgkader.
Hiermee sluiten ze hun ronde van Vlaanderen af.
Na een presentatie van Dhr. Tersago volgt een debat met o.a. Dhr.
Casaer (VSKBuO), Dhr. Koppen (Vakbond), Dhr. Jonniaux (VCLB) en
Mevr. Vanbael (Gezin & Handicap). Moderator is Dhr. Tegenbos,
redacteur bij De Standaard.
Enkele beschouwingen over dit debat:
- Dhr. Tersago belichtte vooral de pijnpunten in de voorstellen
van de minister. Over de talrijke positieve elementen die in de
voorstellen van de minister te vinden zijn, was bitter weinig
te horen.
- Dhr. Tegenbos moest regelmatig de onderwijsvertegenwoordigers
aanzetten tot meer ambitie: "Plus est en vous !!". Hij
greep ook terug naar de wet van Romein, of de wet van de Remmende
Voorsprong: Ons buitengewoon onderwijs was in de beginjaren zo
vooruitstrevend en goed, dat we verzuimen om verder te kijken
en andere evoluties geen kans geven. Het onderwijs in het buitenland
heeft ons daardoor op tal van punten ingehaald.
- Dhr. Koppen houdt duidelijk vast aan de visie dat een enkele
leerkracht moet kunnen dwarsliggen rond een mogelijke inschrijving
van een leerling op leerzorgniveau III. Voor de vakbond gaat de
mening van een individuele leerkracht dus boven het belang van
een leerling met een specifieke zorgnood, zelfs al kan deze leerling
wel bij collega-leerkrachten zinvol evolueren.
- CD&V zelf pleit voor de autonomie van de school. Kathleen
Helsen: "Conceptueel zijn we voor het leerzorgkader. Maar
is elke school in staat om aangepast onderwijs te bieden aan elk
kind?" De haalbaarheid wordt financieel bekeken: "Momenteel
is het koffiedik kijken welke financiële middelen vrij worden
gemaakt". Ook wordt terecht opgemerkt dat andere beleidsdomeinen
moeten meewerken om een maximaal recht op onderwijs te bekomen.
- Luc Anthonis, ouder van een kind met leerproblemen: "Ik
sta 100% achter het buitengewoon onderwijs. Voor veel kinderen
is het een zeer goede oplossing, maar voor onze zoon bleek het
nit de beste keuze. Hij heeft prikkels en uitdagingen gemist die
dinderen in het geowon onderwijs wel krijgen. (...) Een positieve
aanpak van leerkrachten kan wonderen verrichten. Het onderwijs
moet openstaan voor kinderen met een leerstoornis."
- Filip Verstraete, dove ouder en vader van 3 dove kinderen: "Ik
ben erg tevreden over het systeem van de Dovenschool. Alle diensten
zijn gecentraliseerd en je wordt als ouder nauw betrokken bij
de werking. In het gewoon onderwijs ligt dat anders. Daar voel
ik me vaak coördinator. Ook ben ik bezorgd dat kinderen het
sociaal moeilijk krijgen als ze onmiddellijk geïtegreerd
worden in het gewoon onderwijs. Ik vind het belangrijk dat ze
in het buitengewoon onderwijs contact hebben met andere dove kinderen."
- Xavier Van Dessel, werkgroep ION-ouders: "Een klasleerkracht
moet geen specialist worden in elke leerstoornis. Wel vraagt het
een attitudewijziging: leerkrachten moeten hun beperkte kennis
en ervaring rond specifieke problemen aanvaarden. In en buiten
de klas moeten ze zich laten bijstaan door externen, bv. leerkrachten
uit het buitengewoon onderwijs."
|