Leerzorgniveau I
Op dit leerzorgniveau zullen de meeste leerlingen zich situeren.
Als ze al nood hebben aan specifieke zorg, dan past dit binnen het
kader van wat een school nu reeds aanbiedt.
Concreet betekent dit dat de school kan differentiëren, remediëren
en compenseren.
Differentiëren bestaat erin om binnen een klasgroep de moeilijkheidsgraad
te laten variëren zodat betere leerlingen met iets moelijkere
oefeningen op hun niveau uitgedaagd worden, terwijl de iets zwakkere
leerlingen de basisstof nog eens extra herhalen. Hoekenwerk en contractwerk
zijn praktishe technieken om deze differentiatie in klasverband
mogelijk te maken.
Remediëren probeert om problemen op een bepaald punt weg te
werken. Vaak zal een leerling hiervoor naar de taakleerkracht of
zorgleerkracht gaan, die dan een bepaalde lacune in de materie opnieuw
uitlegt, en met oefeningen nogmaals inoefent. De bedoeling moet
duidelijk zijn om het kind weer op het gewone spoor in de klas te
krijgen.
Compenseren slaat op aanpassingen die het wezenlijke van een bepaald
vak niet aantasten. Zo kan men denken aan het mondeling laten verduidelijken
van een antwoord, door leerlingen die moeilijkheden hebben met het
schrijven. Inhoudelijk moet de leerling echter het zelfde niveau
halen als de andere leerling. Ook kan men bv. aan leerlingen met
bepaalde leerstoornissen meer tijd geven.
De methodes die op dit leerzorgniveau gebruikt worden, kunnen zowel
preventief als remediërend werken.
Middelen
Alle middelen voor leerlingen op dit leerzorgniveau worden op het
niveau van de organisatie ingezet. Dit betekent dat een school gewoon
middelen zal krijgen op basis van het leerlingenaantal, om dit zorgbeleid
mogelijk te maken.
Clusters
Dit leerzorgniveau bestaat in alle clusters. De meeste leerlingen
zitten in cluster 1, maar leerlingen met een specifieke leerstoornis
of beperking kunnen in een andere cluster zitten. Dit onderscheid
is in feite weinig relevant, zodat op dit niveau de grenzen tussen
de clusters bewust vaag gehouden worden.
Ondersteuning
Meer nog dan nu het geval is, zal het CLB betrokken worden bij
de begeleiding van leerlingen vanaf dit eerste leerzorgniveau. Daarnaast
blijven pedagogische begeleidingsdiensten de school bijstaan. Externen
zoals kinesist en logopedist behoren tot de mogelijkheden, maar
de minister wil dit in de huidige voorstellen op dit leerzorgniveau
duidelijk beperken tot bv. een revalidatie na een ongeval.
|