Inclusief onderwijs

Administratieve zaken rond een ION-project

Volgende punten moeten in orde gemaakt worden om geen problemen te krijgen met de administratie en de inspectie.

Aanvraag

Wat?

Het betreft het dossier om te kunnen genieten van de extra begeleiding vanuit het buitengewoon onderwijs. Hierbij zijn 2 elementen van belang:

  • er moet een attest Type 2 zijn dat op de keerzijde werd ingevuld om door te verwijzen naar inclusief onderwijs (model).
  • Er moet een aangifteformulier zijn van de school voor buitengewoon onderwijs die verklaart bereid te zijn om de ondersteuning van het kind te verzekeren.

Wie?

Het Type 2 attest kan enkel worden opgemaakt door een CLB. Het is ook enkel het CLB die op de achterzijde van het Type 2 attest de wijziging kan aanbrengen dat het kind geschikt wordt geacht voor inclusief onderwijs.

Het aangifteformulier wordt door de school voor buitengewoon onderwijs opgemaakt.

Toch zijn het vaak de ouders die deze documenten doen opstellen en zelf zorgen dat ze tijdig in Brussel zijn.

Naar waar?

De aanvraag gebeurt bij

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
Departement Onderwijs
t.a.v. Dhr. Th. Mardulier
H. Consiencegebouw
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel

Wanneer?

Steeds zo vroeg mogelijk (als er te weinig plaatsen zijn, is de volgorde van indienen van het dossier één van de criteria van toekenning). Bij voorkeur ten laatste in mei zodat de planning & budgettering voor het volgend schooljaar tijdig kan beginnen.

Belangrijk !! Het is niet omdat u een geldige aanvraag tijdig indient, dat u ook zeker bent van de ondersteuning. Het aantal plaatsen is namelijk beperkt (zie Beleid). Ook hebben leerlingen die in het 1ste studiejaar starten in principe voorrang.

Elk jaar opnieuw?

Vermits het type 2 attest blijft doorlopen, zal het departement elk jaar met de scholen voor buitengewoon onderwijs of met de ION-leerkracht contact opneemt om te kijken of de ondersteuning verder loopt.

Integratieplan

Wat?

In het integratieplan (model) kan je drie luiken onderscheiden:

  • Akkoord van de partijen: elk van de betrokkenen verklaart zich akkoord om actief aan het inclusieproject deel te nemen. De partijen zijn: ouders, gewone school, CLB van de gewone school, buitengewone school, CLB van de buitengewone school.
  • Omschrijving van de extra hulp die het kind nodig heeft, en hoe die wordt ingevuld.
  • Evaluatie-elementen wanneer deze verschillend zullen zijn t.o.v. andere leerlingen.

Deze documenten zijn identiek als deze die gebruikt worden bij GON-dossiers, zodat men vooral in het buitengewoon onderwijs reeds vertrouwd is met deze documenten.

Wie?

Dit document is de ideale gelegenheid om de verschillende betrokkenen rond te tafel te krijgen. Zo is het ook duidelijk dat van elke partij een engagement wordt gevraagd om voor dit project te gaan.

In theorie wordt het opstellen van het document gestuurd door de directie van de gewone school en de ION-leerkracht. Samen hebben ze, in overleg met de ouders, klasleerkracht enz. de nodige elementen om dit plan op te stellen. Ze hebben normaliter ook de contacten om de benodigde partijen te laten tekenen, zowel langs de kant van het gewoon onderwijs als langs de kant van het buitengewoon onderwijs.

Maar ook hier gebeurt het in de praktijk vaak zo dat de ouders een actievere rol hebben in het opstellen en het 'verzamelen' van de handtekeningen.

Naar waar?

Dit document moet NIET naar het departement worden opgestuurd. Dit document moet zowel in de school voor gewoon onderwijs als in de school voor buitengewoon onderwijs ter inzage liggen voor de inspectie.

Wanneer?

In het begin van het schooljaar moeten dit plan worden opgesteld. Dit integratieplan zelf is geen voorwaarde om de ION-ondersteuning te krijgen, maar de inspectie moet het wel in de loop van het jaar kunnen raadplegen (evenals andere documenten zoals verslagen van teamvergaderingen), zo niet zou de administratie kunnen bezwaar maken tegen het verlengen van de ondersteuning.

Elk jaar opnieuw?

Vermits het kind sterk evolueert en de ondersteuningvraag en -aanbod meestal niet constant is (nieuwe klasleerkracht, wisselende ondersteuning van stagiairs, vrijwilligers), moet elk jaar opnieuw dit integratieplan wordt opgesteld. Zo kan elke partij zich opnieuw bezinnen over waar het kind staat ten opzichte van de klas, welke ondersteuningsnood men vaststelt, en hoe men denkt die in te vullen om het project in goede banen te leiden. Ook verhoogt dit plan de betrokkenheid van bv. de directies van de school voor buitengewoon onderwijs en het bijhorend CLB.

Andere documenten?

Er zijn nog andere documenten van belang, maar die zijn dan niet specifiek voor de inclusieleerling. Zo moet het kind regelmatig ingeschreven zijn op de gewone school. Het heeft weinig zin hier in te gaan op deze documenten.

Projectdossier?

Er is meestal ook een heel dossier van het project zelf. We doelen dan op de verslagen van de teamvergaderingen, resultaten van tests in of buiten de school, verslagen van paramedici of turnleerkrachten, CLB enz.

Deze informatie wordt best zorgvuldig bijgehouden. Ze kan nuttig zijn om bij een inspectie een beeld te geven van de aanpak van het project, de opvolging die gebeurt, de evolutie de bereikt werd. Maar ook bv. de net-coordinator kan hier bij een bezoek nuttige informatie vinden. Het is ook voor de teamleden een ideale manier om eens terug te blikken op het project. En als er nieuwe leden bij het project komen (nieuwe ondersteuners, nieuwe klasleerkracht of CLB-medewerker) dan kunnen ze op korte tijd dit dossier doornemen om een duidelijk beeld te krijgen van het project en waar het kind nu staat.

 

Voor meer informatie over de formaliteiten kan u terecht op de site van het departement onderwijs, meer bepaald in de omzendbrief over het geintegreerd onderwijs van 11/09/2003.

Terug

© 2003-2005, Xavier Van Dessel. - www.inclusiefonderwijs.be - Laatste bijwerking: 2/1/07